

We hoeven niet te somberen over het tij dat niet mee zit. Op het gebied van regionale samenwerking liggen er juist volop kansen. De sleutel voor een weg uit de problemen waar we mee worstelen, zoals de transformatieopgave van bedrijventerreinen ligt vaak in de regio. Maar de regio's moeten zorgen voor duidelijke focus. Dat was de boodschap aan de ruim 60 professionals die zich op uitnodiging van het Forum Stedelijke Regio’s op 14 juni in De Rode Hoed in Amsterdam bogen over de nieuwe ruimtelijke orde van de stedelijke regio's.
Er is minder geld. Maar meer beleidsvrijheid en maatwerk bieden kansen om het beleid een nieuwe richting te geven. Dit geldt vooral over de kansen die liggen in de regio’s en in de regionale samenwerking. Hoe kan de regio haar rol pakken, en haar meerwaarde bewijzen?
Oedgze Atzema, hoogleraar economische geografie, ging aan de hand van veel kaartjes en onderzoeksresultaten in op de economische brandpunten in Nederland. Hij liet overtuigend zien dat cijfers over economische ontwikkeling voor velerlei interpretaties vatbaar zijn. In zijn ogen is het vooral verstandig om als regio niet op één sector te focussen, maar juist te zoeken naar een bredere economische basis. Want dan ben je als regio minder conjunctuur gevoelig. Volgens Atzema ligt de basis daarvoor er al in de meeste regio's. Toch blijft het goed om op regionaal niveau na te denken over afstemming van investeringen en profielen.
Remco Pols van Ymere had een prikkelend verhaal over de manier waarop het Ymere niet lukt om regionaal afspraken te maken over hun investeringen. Hiermee hield hij de aanwezige regio’s een spiegel voor waar ze graag inkeken. Regionale en lokale belangen willen nog wel eens verschillen, en niet altijd lukt het deze van elkaar te scheiden. In de subsessie met als thema 'besturing' onder leiding van Christine Oude Veldhuis, Nirov en Marcel Boogers, Universiteit Tilburg is de casus Ymere en samenwerking tussen publiek en privaat nog verder uitgediept. Naast deze subsessie waren er nog drie subsessies waarbij in een kleiner verband werd gediscussieerd over hoe concreet invulling kan worden gegeven aan regionale samenwerking.
Populair was de sessie met als titel 'geen geld' met Rudy Stroink van TCN. Hier ging het vooral over de mogelijkheden om met minder middelen ontwikkeling op gang te brengen. Conclusie was dat je heel veel mogelijk kan maken in beleid en regelgeving zonder dat daar meteen een zak met geld aanhoeft te hangen. Daarvoor moeten we wel af van de verslaving aan het grondbedrijf als geldmachine voor de overheid. Met gronduitgifte gaat de overheid nooit meer dezelfde opbrengsten halen als in het verleden. Voordat er ruimte is voor innovatieve ideeën is het nodig dat alle betrokkenen zich dat realiseren.
René Buck, van Buck Consultants International was spreker in een sessie met als thema 'economie'. Buck had een gedegen verhaal over hoe bedrijven hun locaties kiezen en wat je als regionale overheid kan doen om dat te beïnvloeden. Namelijk het ontwikkelen van clusters en voeren van een gericht marketing en acquisitiebeleid voor bedrijven.
De laatste subsessie ging over 'mobiliteit' met Jaap Modder van de stadsregio Arnhem Nijmegen en Lodewijk Lacroix van het Stadsgewest Haaglanden. In deze sessie ging het over de mogelijkheden om het openbaar vervoer in de regio te optimaliseren met minder middelen dan voorheen en een hele sterke positie van de NS op het spoor.
Aan het einde van een goede middag was het duidelijk dat regionale samenwerking toekomst heeft, maar dat het wel vraagt om een meer flexibelere manier van regionaal sturen. Zoals in het boek 'Stedelijke Regio’s' al werd gesteld: de kracht van de regio’s ligt in het organiseren van informele planning.